Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Eerste contact

Recente posts

Stuk

Een grote kerel stapt uit de vrachtwagen, zijn linkerarm eindigt in een stomp. Zijn gele jas met fluorescerende strepen blikkert me tegemoet. Daarna zie ik pas het olijke hoofd met brede grijns. Met zijn enige hand pakt hij de bediening van zijn afsleepwagen en begint het platform in de schuine stand richting wegdek te bewegen. Net als deze man heeft onze auto een defect. Bij hem zijn hand, bij ons de versnellingsbak. Wij, mijn vrouw en ik, staan langs de kant van de weg toe te kijken. ‘Wat is er aan de hand?’ roept hij. ‘Hij rijdt niet meer, versnellingsbak.’ ‘Heb je geprobeerd hem opnieuw te starten?’ ‘Starten gaat nog wel, maar hij rijdt niet meer, de versnelling doet niks.’ De man legt zijn stomp op de motorkap voor steun en hangt vlak boven het wegdek onder de bumper waar hij vaardig de haak van zijn lier aan onze auto bevestigt. ‘Waar moet ie heen?’ vraagt hij terwijl hij het stuur van de auto een ruk geeft zodat die recht aan de staalkabel op zijn sleepwagen getrokken wordt. ‘…

Vlinders

Het is haar drie jaar gelukt de oorlog te negeren. Maar hier, nu, stopt dat. In bed bij Henri, de man bij wie ze woont. Van wie ze houdt, ja toch wel. In zijn Parijse appartement. Net nog stevig in zijn armen, nu ligt Marguerite op haar eigen helft. Hij steekt een sigaret op, zij trekt het laken over zich heen. Ze hoort vogels zingen, een lentebriesje beweegt de vitrages. Dan klinken zijn woorden als geweervuur ‘Je zou voor mij Duitse officieren kunnen verleiden en op de aangewezen locatie afleveren.’ Abrupt verdwijnt het gevoel van geborgenheid, dat ze net koesterde. Verslingerd aan de liefde is ze altijd geweest.1920 was het toen ze op haar vijftiende van huis wegliep. Feesten! Bomen die tot in de hemel groeiden! Alle mannen wilden haar mee naar huis nemen. Ze werd steeds beter in het verleiden, maar de liefde bleef ongrijpbaar. 17 jaar geleden kreeg ze haar zoon, in Duitsland. Maar er kwamen nieuwe mannen om avonturen mee te beleven. Een paar jaar geledenging ze met Henri mee, bij…

Niet roken

De man die het treinstel binnenkomt is niet te negeren. Hij verspreidt een doordringende geur van pijprook. Sinds het rookverbod in de trein van 2004 niet meer waargenomen. Zijn lange leren jas, lichtbruin met donkere vlekken, slaat tegen medepassagiers aan. Onder zijn snor mompelt hij een verontschuldiging. Hij gaat zitten in een hoekje van vier zitplaatsen waar nog 1 vrije plek aan het gangpad is. Zijn buurvrouw kijkt misprijzend hoe hij een pand van zijn jas van haar rokje pakt en over zijn eigen been legt. Hij trekt zijn leren koffertje met het bijzondere embleem op schoot. De overige passagiers volgen enige tijd zijn handelingen al is het maar omdat ze op zoek waren naar de bron van die sterke geur. Als het niet de dikke vlekkerige jas is dan wel de inhoud van het koffertje. De man licht het deksel op en kijkt verliefd naar een verzameling van zeker 30 gebruikte pijpen. Liggend in het koffertje met leren riempjes op hun plaats gehouden en enkele in pochets in de klep. Daarnaast …

Apocalyps

Rover sluit het boek en wil het op de stapel onder de vensterbank leggen, maar in het halfduister mist hij en het valt op de grond. Geschrokken spitst hij zijn oren. Hij durft niet om zich heen te kijken of te bewegen, uit angst meer geluid te maken. Het blijft minutenlang stil. Hij zit nog op de armleuning van zijn fauteuil vlak bij de kier tussen het kozijn en het hardboard dat hij er 74 dagen geleden op timmerde. Als het stil blijft laat hij zich van de leuning afglijden op het zitkussen. ‘Er is hier niemand,’ fluistert Mireille. ‘Je weet maar nooit,’ antwoordt hij de schim die tegenover hem op de bank zit, gehuld in een vale deken tegen de frisheid, ‘ze kunnen spionnen vooruit sturen.’ Hij rende de tuin uit op zijn korte beentjes om het paard in de wei te gaan voeren. Het was mooi weer, de grond voelde stevig onder zijn voeten. De lucht fris en droog. Bij het hek stonden twee andere jongens, het paard was helemaal achter in de wei. Rover stopte bij het hek en keek de jongens om b…