Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Niet roken

De man die het treinstel binnenkomt is niet te negeren. Hij verspreidt een doordringende geur van pijprook. Sinds het rookverbod in de trein van 2004 niet meer waargenomen. Zijn lange leren jas, lichtbruin met donkere vlekken, slaat tegen medepassagiers aan. Onder zijn snor mompelt hij een verontschuldiging. Hij gaat zitten in een hoekje van vier zitplaatsen waar nog 1 vrije plek aan het gangpad is. Zijn buurvrouw kijkt misprijzend hoe hij een pand van zijn jas van haar rokje pakt en over zijn eigen been legt. Hij trekt zijn leren koffertje met het bijzondere embleem op schoot. De overige passagiers volgen enige tijd zijn handelingen al is het maar omdat ze op zoek waren naar de bron van die sterke geur. Als het niet de dikke vlekkerige jas is dan wel de inhoud van het koffertje. De man licht het deksel op en kijkt verliefd naar een verzameling van zeker 30 gebruikte pijpen. Liggend in het koffertje met leren riempjes op hun plaats gehouden en enkele in pochets in de klep. Daarnaast …
Recente posts

Apocalyps

Rover sluit het boek en wil het op de stapel onder de vensterbank leggen, maar in het halfduister mist hij en het valt op de grond. Geschrokken spitst hij zijn oren. Hij durft niet om zich heen te kijken of te bewegen, uit angst meer geluid te maken. Het blijft minutenlang stil. Hij zit nog op de armleuning van zijn fauteuil vlak bij de kier tussen het kozijn en het hardboard dat hij er 74 dagen geleden op timmerde. Als het stil blijft laat hij zich van de leuning afglijden op het zitkussen. ‘Er is hier niemand,’ fluistert Mireille. ‘Je weet maar nooit,’ antwoordt hij de schim die tegenover hem op de bank zit, gehuld in een vale deken tegen de frisheid, ‘ze kunnen spionnen vooruit sturen.’ Hij rende de tuin uit op zijn korte beentjes om het paard in de wei te gaan voeren. Het was mooi weer, de grond voelde stevig onder zijn voeten. De lucht fris en droog. Bij het hek stonden twee andere jongens, het paard was helemaal achter in de wei. Rover stopte bij het hek en keek de jongens om b…

De zonderling

Met het licht uit en de gordijnen open staart hij naar de sterrenhemel. Vanuit zijn vertrouwde leunstoel schuin naar het raam gericht, als laatste aanwezig in de woonkamer. De kinderen zijn al jaren het huis uit en zijn vrouw is gewend alleen te gaan slapen. Vandaag was zijn laatste werkdag. Hij denkt terug aan zijn pensioenfeestje: een aanfluiting. Veel mensen wisten niet eens wie hij was en het duurde 10 minuten. Zoals altijd was hij de enige in pak. Hij kreeg een cadeaubon van een groot online warenhuis en toen moest iedereen weer aan het werk. Behalve hij. Thuis had hij voor het raam bij de achtertuin gestaan en gekeken naar de vogeltjes en toen was hij op de grond voor de boekenkast gaan zitten met zijn ogen dicht om te wachten tot hij zou verdwijnen. Toen zijn vrouw thuiskwam had hij iets positiefs over het feestje verteld, zoals hij geleerd had te doen. Daarna hadden ze schnitzel gegeten. Terwijl zijn vrouw zat te haken tot ze naar bed ging las hij een boek voor de derde keer. …

Het hofje

Op de hoek staat een scheve lantaarnpaal. Ertegenover in het halfdonker staat een aftandse auto met vier wielen op de stoep. Uit het kiertje van het raam van de bestuurder wolkt zo nu en dan de rook van een joint. Je ruikt het ook in de omgeving. Het vermengt met de geur van een vuurtje in iemands tuin. De man in de auto heeft onlangs zijn paardenstaart afgeknipt. Hij heeft nu een vrouw en een kind in één van deze huizen wonen.
Een kat zit te schijten in het onkruid bij de zwarte Volvo met lekke band. Verderop vechten twee andere katten iets uit. Eentje heeft nog maar één oog, op de plek van het andere loopt een groot litteken tot aan zijn oor. Hij grijpt met beide voorklauwen de kop van zijn tegenstander beet, als een omhelzing. Die rukt zich los draait om en rent weg. Een gezette man in een vies hemd kijkt toe vanuit zijn slaapkamer, krabt aan zijn ballen en trekt het rolgordijn weer omlaag.
Het hoekhuis met de grootste tuin, daar hangt de schutting scheef over de hele lengte. Er zi…

Valentijn

Zij had hem opnieuw gezien en hij haar ook, toen ze op het schoolplein ineens naast elkaar stonden. “Hé” zeggen ze tegelijk. Een blik recht in de ogen, zo sterk dat het schoolplein en de geluiden verdwijnen. Ze blijven elkaar secondenlang aankijken totdat de bel klinkt en ze in hun eigen groepjes de les ingaan.
Ze hebben samen Engels, Nederlands en Wiskunde. Zij zit meestal achterin met de meiden, hij ergens halverwege of voorin de klas, afhankelijk van waar nog plek was. Bij Wiskunde zit hij helemaal vooraan en hij maakt er een potje van, moet hardop lachen met het tafeltje achter hem zodat de leraar hem voor de klas roept: “Teken jij even een normaalverdeling voor ons, Jochem”, zegt Wim terwijl hij de stift aan hem geeft en op het lege bord wijst.
Jochem trekt zwijgend een verticale as kaarsrecht in het midden van het bord, een horizontale er doorheen en dan met een vloeiende beweging een brede kerkklok die de normaal verdeling moet voorstellen. Wim kijkt goedkeurend toe. Dan bewee…

Lucifer

Het is “Lucifer des oordeels” wat er in hem opkomt. Hij buigt nog wat meer naar de foto toe zonder zijn voeten te verplaatsen. Alsof er dan meer aan te zien is. Een deels afgebrande lucifer met vrouwelijke vormen erboven. Een donkere achtergrond. Hij bukt een beetje terwijl hij zijn wijnglas zorgvuldig recht probeert te houden. Het hout van de lucifer is bijzonder gedetailleerd. De vrouw is wazig en losjes aangegeven. Hij richt zich weer op, zich minder bewust van zijn eigen lichaam dan van dat op de foto. Het wervelt als een wilde vlam boven de verbrande kop van de lucifer, het lijkt of het licht geeft. Het laatste oordeel, de vrouw is Eva. Hij neemt een slok wijn uit zijn glas. Zijn boord kriebelt, hij schuurt er even mee langs zijn nek, houdt zijn hoofd scheef, zet een stapje achteruit en stoot tegen iemands schouder. “Sorry,” mompelt hij en beweegt naar het volgende kunstwerk, nippend aan zijn wijn. Als er nog eens zo’n dienblad met hapjes voorbij wilde komen… Nooit met honger naa…

Te laat

Ja, ook ik heb van belastingconstructies geprofiteerd, maar altijd legaal. Accountants doen gewoon hun werk, ik heb daar zelf niets mee te maken. Het is toch logisch dat je je bedrijven instrueert zoveel mogelijk winst te maken? Daar kies ik mijn personeel ook op uit. Met dat geld kun je herinvesteren, overnames doen. Allemaal goed voor de economie. Dat is waar ik voor leef, waarde creëren. 24 uur per dag aan staan. Kansen grijpen.

Nu zit ik alleen. Op de bank in mijn Londense appartement, hoog boven de city, uitzicht op de Theems. Mijn vrouw is in Italië met de kinderen. Mijn minnares in New York met god weet wie. Ik loop naar de keuken om nog een glaasje wiski in te schenken. Op de fles staat dat die wiski heel oud is; het zal mij eigenlijk worst wezen, ik drink het omdat het duur is, snob omdat het kan. Ik loop terug naar de bank. Buiten schijnt de zon, het middaguur nadert. Ik kwam hier voor een deal, maar ik ga terug naar de VS, voorgoed.

Mijn CFO pleegde vannacht zelfmoord. We h…